De inspectie miste de signalen uit ZIKOS

Door Hulpverleners4 min leestijd
De inspectie miste de signalen uit ZIKOS

De inspectie bezocht instellingen, sprak bestuurders en las dossiers. Toch waren de ervaringen van ruim vijftig jeugdigen in het onderzoek Eenzaam Gesloten nodig om concreet te beschrijven wat er op de ZIKOS-afdelingen gebeurde. Pas daarna werd breed zichtbaar hoe afzondering, vernedering en hardhandig ingrijpen onderdeel van de dagelijkse praktijk konden worden.

De Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd heeft dat niet weggeschreven als een communicatieprobleem. In haar eigen reflectie staat dat het bestaande toezicht de concrete signalen onvoldoende boven tafel kreeg. Die erkenning is pijnlijk en nuttig: toezicht dat alleen ziet wat een instelling kan laten zien, beschermt de instelling beter dan de jongere.

Liever kijken dan lezen?

In 45 seconden ziet u hoe een signaal via patroon, dossiercontrole en wederhoor tot bruikbaar toezicht wordt.

Een dossier vertelt wat is vastgelegd, niet altijd wat is gebeurd

Toezichthouders hebben documenten nodig. Een hulpverleningsplan, incidentmelding en evaluatie laten zien welke besluiten formeel zijn genomen. Maar in een gesloten cultuur kan precies daar het beeld netjes worden. Een afzondering heet dan een rustmoment, verzet wordt probleemgedrag en een jongere die niets meer meldt lijkt gestabiliseerd.

Daarom is een aangekondigd gesprek met management nooit genoeg. Wie wil weten of jongeren veilig zijn, moet ook recent vertrokken bewoners spreken, verschillende diensten bezoeken en vragen hoe een maatregel voelde én hoe die in het dossier is omschreven.

De inspectie verandert haar aanpak op de juiste punten

Na het ZIKOS-onderzoek kondigde de IGJ aan ervaringsdeskundigheid meer te gebruiken, sterker naar cultuur te kijken en vaker en op andere momenten te bezoeken. Meldroutes moeten toegankelijker worden.

Dat is de juiste correctie. Vooral het spreken van recente oud-bewoners maakt verschil: zij zijn niet meer volledig afhankelijk van de groep waarover ze vertellen, maar hun herinnering is nog concreet. Combineer hun verhaal vervolgens met roosters, camerabeleid, incidentregistraties en dossiernotities. Dan wordt ervaring geen losse anekdote, maar een spoor dat controleerbaar is.

Meer ervaringsverhalen lossen ook niet alles op

Hier zit de zwakke plek van onze eigen voorkeur voor ervaringsgericht toezicht. Een ernstig verhaal is niet automatisch representatief voor een hele instelling. Herinneringen kunnen verschillen en een toezichthouder moet ook hoor en wederhoor toepassen. Zonder die zorgvuldigheid kan snelle publieke druk een onderzoek vertroebelen.

De oplossing is niet om ervaringen lager te waarderen, maar om ze beter te onderzoeken. Zoek patronen over locaties en diensten, controleer tijdstippen en documenten en leg uit welk deel bevestigd is. Dat is langzamer dan een vinklijst en veel sterker dan een tevredenheidsmeting.

Vraag bij de volgende inspectie om één zichtbaar verschil

Werkt u in een instelling, medezeggenschapsraad of cliëntenraad? Vraag dan bij het volgende inspectiebezoek hoeveel jongeren zonder medewerker erbij zijn gesproken, hoeveel van hen recent vertrokken waren en hoe hun signalen met dossiers zijn vergeleken. Drie aantallen maken een mooie zin over “de stem van de jongere” toetsbaar.

De reflectie van de IGJ, het onderzoek Eenzaam Gesloten en de NOS op 3-video over gesloten jeugdzorg horen daarbij naast elkaar te liggen. Meer artikelen over professioneel handelen staan in het blog van De Zorgkompas. De eerstvolgende openbare inspectierapporten moeten laten zien of de nieuwe werkwijze daadwerkelijk andere feiten boven tafel brengt, of vooral nieuwe woorden aan dezelfde bezoekmethode toevoegt.

Tags

#gesloten jeugdzorg#toezicht#IGJ